Koppelteken


Naar aanleiding van de spellingaanpassingen van 2005 sommen we nog eens de meest voorkomende gevallen op waarin het koppelteken of liggend streepje wordt gebruikt:

  • in samenstellingen met gelijkwaardige (verwisselbare) delen:
  • zwart-geel, biologisch-dynamisch, manisch-depressief

Samenstellingen met niet-omkeerbare delen zoals christendemocraat en populairwetenschappelijk worden dus aaneengeschreven. Volgens de leidraad van het Groene Boekje (2005) zouden we hier ten gunste van de leesbaarheid echter vrij zijn het koppelteken al of niet te gebruiken:

tweedekans-onderwijs naast tweedekansonderwijs.

  • in samenstellingen met een bijzondere bepaling voor of na het grondwoord:
  • proces-verbaal, sociaal-democratie, Bush-administratie, ik-verteller

  • in samenstellingen met 'botsende klinkers':
  • na-apen, auto-ongeluk, politie-inspecteur, solo-instrument

Combinaties van klinkers die niet als één klank kunnen worden uitgesproken, krijgen geen koppelteken (hier is namelijk geen sprake van klinkerbotsing):

koffieapparaat, milieueffect, hockeyelftal, coauteur

  • in samengestelde aardrijkskundige namen en hun afleidingen:
  • West-Vlaanderen, West-Vlaams

  • voor of achter een cijfer, aparte letter of symbool:
  • 65-jarige, tussen-s, 65+-kaart

  • in samenstellingen met Sint of St.
  • sint-bernardshonden, Sint-Niklaas, St.-Lucasinstituut

Samenstellingen met meer dan twee delen worden doorgaans aaneengeschreven:

centraleverwarmingsketel, onroerendgoedmarkt

Indien er aan een samenstelling met verwisselbare delen (zwart-wit) gekoppeld wordt, blijft het liggend streepje gewoon staan:

zwart-witfoto, woon-werkverkeer

Een nieuwe regel bepaalt dat voorvoegsels van Griekse of Romeinse oorsprong (anti, contra, pseudo en nog vele andere) voortaan aan het grondwoord vast komen te zitten. Dus schrijven we sinds augustus 2006 locoburgemeester en vicepremier zonder koppelteken. Zulke verbindingen behouden het koppelteken indien het grondwoord met een hoofdletter begint:

anti-Amerikaans, pro-Deo

en - uiteraard - bij klinkerbotsing. Vergelijk:

pseudo-intellectueel naast pseudoklassiek


Toch introduceerde men een omstreden regel die vooral in het geval van re-integreren (was:reïntegreren) naast reïncarnatie (dat bleef zoals het was) voor nogal wat onbegrip zorgde.
De makers van het Groene Boekje probeerden alles zo goed mogelijk uit te leggen met de begrippen gelede en ongelede woorden.

Een geleed woord bestaat uit verschillende onderdelen (schuldbewijs, onschuld), een ongeleed woord (schuld) niet. Re-integreren wordt vervolgens als een geleed, reïncarnatie als een ongeleed woord opgevat. Of anders gezegd: het 're' van re-integreren herkennen we nog als een voorvoegsel met de betekenis (her, opnieuw), het 're' van reïncarnatie niet meer.

Aanvechtbaar en daarom behoudt het alternatieve Witte Boekje hier de schrijfwijze met trema.
Ook bij het voorvoegsel co- moeten we ons afvragen of de betekenis 'mede' nog wel herkenbaar of van toepassing is. Zo niet, dan blijft ook in de officiële spelling het trema bij klinkerbotsing gehandhaafd (coördinatie, coëfficiënt). In de meeste gevallen is die betekenis wel doorzichtig genoeg en gebruiken we dus bij klinkerbotsing consequent het liggend streepje:

co-existentie, co-educatie, co-ouderschap

Een overzichtelijk schema vindt men in de online leidraad.

copyright Renia Taal & Tekst | archief 2004 - 2007